Telefoon kapot!

Dus geen verhalen meer beschikbaar.

Advertenties

Dag 24-25

weer: warm (!) en zon 29°C ook donderende onweer
dorpen: worms, mannheim

Lief dagboek,

Al bijna een maand lang heb ik veel te maken gehad met De Dood.

Midden op het pad lagen verscheidene dieren. Een paar keer een dikke rat, kleine muisjes, kraai, koolmees/pimpelmees/musjes, een egel, een eekhoorntje -ik had graag de staart meegenomen- en zelfs een heel lief pluizig konijntje -daar wilde ik stiekem wel een mutsje van maken-.

Allemaal dood. Met hun oogjes dicht en organen een halve meter verder of helemaal verdwenen.

En al bijna een maand heb ik een submissie er bij. Ik geef ze een plekje bij een bosje. Want zo midden op de weg, open en bloot… Ze hebben al moeten sterven, gun ze dan ook een mooie plek waar ze snel verteerd worden en opgaan in de cyclus.

Dus iedere keer sleep ik ze mee naar het dichtbijzijnde stukje bos, gras of struik en leg ze mooi neer, een beetje bedekt.

*Ik heb ook toffe lugubere foto’s er van, maar dat zal ik maar niet plaatsen.*

img_5137
Chillen met Connie en de mannen

Stiekem had ik hoge verwachtingen van Worms. Ik hoorde dat het een heel mooi oud stadje was (één van de oudste in heul Deutschland). Het viel tegen. Er was helemaal geen oud centrum. Veel was nieuwbouw. De dom/kathedraal was wel heel oud en daar waren heel veel mensen, terwijl er in het stadje geen mens te bekennen was. Ja trouwens wel, bij een ijszaak. Daar stond iedere keer als ik er langs kwam een hele lange rij. Oh ja, en bij een hip Starbucks-achtig koffiezaakje met super chagrijnige jonge hippe mensen achter de bar. Als je het niet leuk vindt, of als je je te goed er voor voelt, ga je toch lekker weg? Maar goed dat dachten ze van mij zeker ook. En misschien hadden ze gewoon niet hun dag, of was hun cavia overleden. Je weet het niet je weet het niet.

Soms dan lees ik mijn blogs terug en denk ik: woow wat maak ik veel mee. En natuurlijk, dat maak ik ook mee. Maar waar ik eigenlijk nauwelijks over schrijf en wat ik zelf ook wel eens vergeet (en ook weer niet), zijn de uren die ik loop.

Cultuursnuiven in elke kathedraal

Ik loop gemiddeld 7u per dag. Soms wat meer soms wat minder. Ik slaap er 9. En de overige 8u doe ik bakkies en bezichtig ik stadjes (ook lopen haha), relax liggend/zittend lees ik m’n boek, eet of schrijf ik. Maar dat wandelen, is een heel groot deel. Wandelen door lege eindeloze velden, eindeloze wegen. Been voor been. Het verstand en gedachten gaan vaak op ‘uit’. En daarom heb ik er weinig over te vertellen. Het gebeurt en het gaat.

Ik heb gesprekken met mezelf, met de bomen of imaginaire vriendjes, dat wel. Hardop, wild wijzend of schreeuwend soms.

Het is samen met de overige 8u van bakkies/stad bezichtigen/eten, waarbij ik dingen echt dóe en mentaal actief onderneem, een mooie balans. Denk ik zo.

Ik heb vandaag de hele dag in een soort hitte woestijn gelopen voor m’n gevoel. Pal langs de Rijn zonder bomen of beschutting. En die zon maar branden. Heb mijn handdoekje om mijn stok gebonden om zo om de vijf minuten al het druipende zweet van m’n kop te vegen.

Bij de jugendherberge was een man die Nederlands sprak en dat was fijn, ik zou het bijna verleren #dramaqueen.

In ze head gaat het goed. Ik ben vrij -voor zover een mens vrij kan zijn. Ik sta op en bedenk me dat ik die dag alles kan doen wat ik wil. Naar het Noorden, naar het Zuiden, in bed blijven liggen, croissantjes eten, wandelen, mijn haar afscheren, de trein pakken naar Moskou, iemand een klap op z’n billen geven. Dat gevoel is lekker, ik voel me relaxt en stoer.

Liefs,
Zora

PS: Verder ben ik in de -heimhemel beland. Oppenheim, bechtheim, asheim, hillesheim, dalheim, frettenheim, gundheim, pfeddersheim, kleinniedesheim, großniedesheim, iggheim.

Jotumheim, heimdall, asgard, midgard! (Er was in Worms een ‘Asgard Hotel’. Oe, zou Odin daar de baas zijn? En zou Loki de roomservice regelen?)

Dag 22-23

weer: grijs en af en toe regen. Soms veel, soms weinig
dorpen: mainz, nierstein, oppenheim, osthofen

Lief dagboek,

Ik heb een missie. Naar de rheinquelle. Naar de bron. Naar het begin van de Rijn.

En ik volg mijn missie met mijn hart en ziel. En niets zal wijken!

Ik kijk enkel naar voren. Naar de bron in de Alpen. Alles zet ik daar op in en mijn benen doen het werk.

Het wordt een beetje te veel, die missie. Ik merk dat ik zo erg met die bron bezig ben dat ik niet lekker relaxt in een stadje kan rondhuppelen en er blijven, omdat ik de Rijn hoor roepen. Dan stap ik toch maar op, of ga ’s ochtends vroeg weer door.

Maar dat is vast een moment opname, het wisselt bij mij toch ieder uur hoe de pet staat.

Na regen komt zonneschijn, of een kachel, of hitte, of het imploderen van een ster

In Mainz zat ik op een terrasje bij de Dom. Ik keek een beetje om mij heen, las af en toe een paar bladzijdes in mijn boek en nipte van mijn milch kaffe.

Toen vroeg een man of hij naast mij mocht zitten (het was loeidruk). Ik zei dat het mocht. Want het is én niet mijn bezit én wie ben ik om hem dat plekje te misgunnen? We raakten aan de praat. Hij was een gepensioneerde piloot en nu hij klaar is met werken gaat hij op een relaxte manier al de steden in de wereld af waar hij kort is geweest en die indruk hadden gemaakt.

Het was een heel leuk gesprek, hij trakteerde mij op lunch en ik ging met een warm gevoel in mijn hart weer weg.

Wat high tea bij ons is, is frühstück hier

Ook kwam ik Ruben tegen. Een fietser, hij fietste 250km per dag en wilde in drie dagen van Nijmegen naar Bazel fietsen. Toen was ik wel erg onder de indruk. Hij was die ochtend in Koblenz vertrokken. Ho eens.. Koblenz? Jeetje daar heb ik een week over gedaan! Hij wilde vanavond in Karlsruhe slapen. Ho eens.. Karlsruhe? Daar ben ik pas over een week! Ik had zin om bij hem achterop te springen, met zulke tempo’s!

Maar nee, natuurlijk niet. Want anders was ik zelf wel op de fiets gegaan. Less is more hm.

Ik ben de bocht met Mainz voorbij. Het is nu weer immer gerade aus zu süd. Worms, Speyer, Mannheim, Karlsruhe liggen in het verschiet. Ben benieuwd!

Oh ja, en door al die Duitse woorden die hier te pas en te onpas worden gebruikt heb ik continu Rammstein in mijn hoofd en heb ik ook zin om dat keihard te schreeuwen. Maar ik weet niet of dat zo gewaardeerd gaat worden.

Daar in de verte is de Rijn weer!

Ik zit nu in een B&B, sokken gewassen, kleren aan het drogen. Morgen wacht er een heel lekker ontbijtje op mij en ik heb net al flink genoten van de veel te luxe badkamer.

Tschüssies,
Zora

Dag 19-21

weer: overwegend bewolkt, wel zonnetje er doorheen. 18°C. drukkende vochtigheid, dreigende regenbuien
dorpen: st goar, oberwessel, bingen am rhein, finthen

Lief dagboek,

Wát een fantastische omgeving waarin ik mij bevind! Het is net een sprookje uit de middeleeuwen. Ik loop pal langs de Rijn (en een grote weg helaas, sst), en tussen hoge bergen aan beide kanten van de Rijn. Om de 10km zit een oud authentiek dorpje waar de muren scheef staan en de ridders klaar om aan te vallen. Op de bergen zie je in de verte oude landhuizen en kastelen.

Het is mij een genoegen

En ik realiseerde me opeens iets… de Loreley ligt op 555km. Dus dat betekent dat ik nog minder dan 555km hoef te lopen tot ik bij de bron ben! En even een snelle rekensom… dan heb ik al (1233-555=) 678km gewandeld. Wajoo! 678km… dan ben ik al over de helft. Gekkenhuis. Na, dat kan toch helemaal niet? Daar klopt volgens mij helemaal niets van.

Dan over naar het weer. Ik heb geluk, want laatst met dat onweer was de enige keer dat ik flink regen heb gehad. En ook pas de eerste keer dat ik m’n poncho moest gebruiken. (Die overigens zijn beste tijd heeft gehad. Hm… hij houdt wel iets van regen tegen, maar na een tijdje is de binnenkant net zo nat als de buitenkant.) Ik houd het weer en de wolken goed in de gaten maar, ik denk door de bergen, wisselt het heel erg. Het is lekker weer, maar het kan ieder moment omslaan. Ook internet zegt per uur iets anders. Geen peil op te trekken. Ach, zo zie je maar weer: het komt zoals het komt en het is wat het is. Een vrouw, die ik sprak in de herberg, zei dat het normaal in mei altijd regent en dat we geluk hebben. Yes indeed. Lucky lucky. Koekoek.

Net een schilderijtje!

Dit weekend is het Pinksteren. En nu ik daar weinig mee heb, en naar mijn idee het in Nederland niet een groot feest is, is het in Deutschland een hele happening. Dit weekend (vanaf vrijdag al!) zitten alle jugendherberge vol. En er zijn ook heel weinig campings te vinden hier in de buurt.

Stomme feestdagen, supermarkten ook dicht. Hopelijk blijft het lekker weer! Als ze dat ook nog van mij afpakken kunnen ze me wat.

Ik kom veel mensen tegen voor een praatje, de laatste paar dagen. Mensen die ik zie in de herberg en dan weer tref in een dorpje. Ze geven wat insiders tips en kracht om door te gaan. Erg fijn.

Woeste beklimming

Kijk, ik schrijf dit blog door elkaar. Iedere keer schrijf ik iets wat me opvalt en wat ik wil vertellen en zo merk ik ook hoe wispturig ik weer eens ben.

Begin dit blog begon ik met dat het een sprookje is en o-zo-mooi. Maar ik was vandaag de hele dag chagrijnig omdat de lucht grijs is, er een koude wind staat en de omgeving heel sfeerloos. De dorpen zijn nieuwbouw, alles is weer vlak aan het worden. Dan baal ik dat de herberg vol zit door dat stomme Pinksteren. Dan baal ik dat er geen campings zijn. Dan baal ik dat het van de week regenachtig wordt.

En dan zijn mijn voeten ook aan het zeuren, mijn rugzak snijdt in mijn sleutelbeenderen en is de koffie zuur.

Waarom doe ik dit dan nog? Dan heb ik zin om de hele dag Sims te spelen, in mijn vertrouwde omgeving lekker te chillen en Nederlands te ouwehoeren.

Er was een tafel gereserveerd voor mij, en mij alleen. Met een bakkie

Ipv door de supermarkt te lopen en niets kleins kunnen kopen. Want dan wil ik pasta maken, maar dan moet ik dat óf weggooien óf meesjouwen. Alles is grootverpakt.

Kamers zijn duur in je eentje. Met z’n tweëen is het goedkoper én kun je makkelijker koken. En dan zit ik hier alleen! Waaaaarom is de wereld daar niet op ingesteld.

‘Awww ze is alleen’, hoe vaak hoor je dat? Vaak. In allerlei vormen en maten.

Enfin.blablabla.zeikzeikzeik. Ik krijg net een berichtje dat ik misschien een couchsurfing adres heb voor morgen in Mainz. Oh ja en ik ga zo lekker vers brood (grapje, zit al vier dagen in m’n tas) met pesto, mozzarella en tomaat eten. En heb ik nog aardbeitjes, zelf stiekem geplukt toen ik langs een veld liep met zune aardbeien.

OH EN HET WATER KOOKT VOOR EEN LEKKER KOPJE THEE!

Geen zorgen om mij dus. Tot de volgende aflevering!

Liefs,
Zora

College: Loreley

Vandaag liep ik langs de Loreley. Weten we allemaal wat het is? Nee? Tijd voor een kort college van prof. dr. De Ruig:

De Loreley

Op precies 555km vanaf de bron van de Rijn is de Rijn op zijn smalst (dat is natuurlijk niet waar, want in de Alpen is het een klein beekje). Maar goed.

Hier meandert de Rijn enorm, tussen de hoge rotsen en bergen zoekt de Rijn zijn weg naar de zee.

De nimf op de rots. Niet op schaal, hoor

Door de scherpe bochten, smalle breedte (113m) en enorme diepte (25m) is het een kolkende bedoeling. De Rijn doet wat hij wil en de schepen hebben niets te zeggen. Heel veel schepen zijn hier kapot gegaan en veel mensen dood. Bam.

De rots, Loreley, is 132m hoog en heeft eigenlijk met bovenstaande niets te maken. Maar toch weer wel, wánt er is een mythe. En ik ben gek op mythes. Eentje met nimfen! Dat ook nog! Laten we snel doorgaan.

Lang lang geleden leefde er allerlei nimfen in harmonie met elkaar rondom de Rijn. Ze kamden elkaars haren, sprongen door het hoge gras en dronken wat bakkies. Steeds meer mensen settelde zich in dorpjes langs de Rijn en de nimfen werden verdreven.

Eén nimf bleef. Ze was zo verliefd op de Rijn geworden, dat ze geen afscheid kon nemen. Heel hoog op de hoogste rots die ze kon vinden bleef ze turen over het mooie uitzicht dat ze had over de rivier.

Links de rots, ik sta veilig aan de andere kant van de Rijn

Jaren gingen voorbij, ze was gelukkig met de bomen, wind door haar lokken en de Rijn.

Ze zong. Ze zong zulke mooie liederen, zo melancholisch en triest maar o-zo-mooi.

Doordat de mensheid toenam en de industrie ook, kwam er steeds meer scheepvaart op de Rijn. De nimf vond de lichtjes heel interessant en keek halverwege de rots vaak naar de lampjes in het water. Ze zong.

Oh wat was het mooi! De mannen op het schip hoorde het trage hoge vrouwelijke gezang van ver en toen ze dichter en dichterbij kwamen liepen ze het dek op om te kijken waarvandaan dit mooie geluid kwam.

Maar omdat alle mannen naar het gezang aan het luisteren waren en de stroming sterk was, gingen er heel veel schepen de mist in en knalde op de rots.

Een hoge pief hoorde van al de ongelukken die gebeuren bij de Loreley en gaf een grote groep mannen de opdracht de nimf van de rots te gooien. Ze zou net als al de slachtoffers waar zij verantwoordlijk voor was, ten onder gaan in het water.

De nimf zag de groep mannen aankomen en zong nogmaals een lied. De Rijn, die ook van de nimf hield, golfde hoog en hoger en nam de nimf mee. Ze was verdwenen.

Deze ansichtkaart is fantastisch

De rots is er nog steeds. Er staat een beeld onder aan de rots van een nimf. Het is een grote toeristische grap geworden, maar ik vind eigenlijk de afgelopen 30km en waarschijnlijk de aankomende 30km even mooi. Het zijn allemaal bergen en een meanderende Rijn. Práchtig.

Misschien als ik klaar ben met lopen dat ik de nimf wel overneem. Het is dat m’n haar nu kort is, maar dat groeit wel weer aan. Lijkt me wel leuk. Beetje zingen op de rots. Mensen gek maken.

bron: wiki jeweet

Dag 17-18

weer: tja, wel zonnig en warm. klamvochtig onweer in de lucht
dorpen: koblenz, rhens, boppard, bad salvig

Lief dagboek,

Vorig blog ging over de woestenijen die we moesten overleven. Gelukkig was het van korte duur en schijnt de zon weer.

We hebben de dag ná de hectiek een ‘rustdag’ genomen. We zouden een kleine 15km lopen, beetje Koblenz bekijken. Dat liep -natuurlijk- helemaal anders en hebben weer eens 30km gewandeld.

Net wakker en dan zúne uitzicht!

Koblenz was fantastisch. Het oude stadje is heel schattig. Op het pleintje zat een goede koffietent en bij de fontein speelde een man viool. Er waren Nederlanders, Denen, Duitsers en nog andere toeristen. Het was vredig.

De Moezel en de Rijn vloeiden samen, er waren leuke pleintjes en mooie bomen. Ook zijn er overal bergen om ons heen en kronkelt de Rijn er lekker tussendoor.

Pas om 13u zijn we uit Koblenz vertrokken en we hebben gelopen tot zonsondergang. We wilden onze tent opzetten boven op een van de bergen voor een waanzinnig uitzicht, we volgden de Traumpfade huppa de bergen op en liepen meteen al verkeerd. Waar weggetjes moesten lopen, was alleen maar akker of hoog gras. Waardoor we door velden, modder en weet ik veel hebben moeten lopen. Ook een hut, waarbij we wilden kamperen, was opeens verdwenen. Het was al half tien en toen hebben we de tent maar random op een vlak stukje gezet. Het was een prachtig uitzicht!

In de verte zag je onweer

Oh ja, voordat we de berg opklommen, kwamen we langs het dorpje ‘Rhens’. Een mooi authentiek dorpje met een heuse pub. We vroegen bij de kerk of er onderdak voor pelgrims werd verleend (kan altijd proberen), en de vrouw vd kerk zei dat *duitse naam* wel eens pelgrims opvangt en dat we het daar even moesten proberen. Bleek dat gewoon een heel duur vakantiekamerhotelachtigb&b te zijn. Helaas. En de dominee was ook niet thuis, want hij was de mis van 8u aan het voorbereiden.

Vandaag merkte ik dat ik de afgelopen dagen misschien toch iets te hard van stapel ben gelopen. Mijn linkervoet en kuit waren stijf en ik voelde me een oud wijf. Het plan was om bij de Loreley de tent op te zetten, maar mijn lichaam fluisterde me in, nee schreeuwde meer, dat ik rustig aan moest doen.

Dus heb een korte etappe gedaan en heb in een mini-plaatsje een hostel gevonden. Wat heel bizar is, want hostels zijn er niet zoveel en zeker niet in grote steden. Het is wel heel tof, want het is een hele etage bij mensen thuis in hun (grote) huis. Volledig voor wandelaars en fietsers. Met een keuken met oven, waterkoker, thee en koffie. Een badkamer met bad en allerlei zeepjes en handdoeken. Een woonkamer met bar en banken en natuurlijk een kamer met bedden. Fijn!

Bij het punt waar de Moezel en Rijn bij elkaar komen

Dus gezelschap was van korte duur, maar wel een welkome. Weer eens kunnen kletsen en samen lief en leed delen. Daar is de medemens voor. En katten natuurlijk. En de imaginaire vriendjes.

Het weer wordt goed, ik ga lekker vroeg keihard slapen en morgen door het met avontuur!

Liefs,
Zora

Dag 15-16

weer: regen regen regen storm onweer grijs 16°C
dorpen: remagen, bad breisig/sinzig, koblenz

Lief dagboek,

Het was intens, deze dag. Zo intens dat ik niet eens weet waar ik moet beginnen met vertellen!

Laat ik beginnen bij gisteren. Gisteren heb ik afgesproken met Stefan, een medepelgrim. Hij loopt ook naar Rome vanaf Nederland. We hadden contact via FB en zo uiteindelijk kruisten onze wegen in Senzig aan de Rijn.

Quasimodo’s goes in to the rain he

We dronken een biertje, doken de Rijn in en zetten boven op de berg ons kamp op. (Flinke klim!). Hartstikke leuk allemaal, vuurtje erbij om de muggen te verjagen.

Om 2u in de nacht schoot ik wakker. Onweer. En niet een beetje ook. Flinke storm. Dat duurde anderhalf uur voordat het weg was.

’s Ochtends miezerde het, ontbeten we in zijn tent -hij heeft een villa-tent meegenomen-. We dachten: ‘Ah die regen is zo voorbij (dat waren de voorspellingen), daarna ruimen we alles op.’

Niets was minder waar. We hebben onze tenten in de stromende regen opgeborgen, hebben de hele dag door de regen gelopen.

Prachtig weer nog toen ik Bonn verliet

We besloten een kamer te boeken in Koblenz, maar het bleek verder dan gedacht en hebben met zeiknatte sokken, schoenen, kleren, tassen, alles in de tassen, ruim 40(!) km gelopen. Het was afzien. Echt afzien.

Maar daarmee zijn we er nog niet. In Koblenz hadden we dus een cheap appartementje gevonden bij ‘Ding Dong’. Komen we daar, is het een chinees restaurant. Huh, zitten we hier wel goed?

Wij naar binnen om de sleutel te halen, stond er een Chinese man achter de toonbank die slecht Duits sprak en enkel en alleen de woorden: ‘papier papier’ ‘geld’ herhaalde.

Dus hebben wij uitgelegd een paar uur geleden pas geboekt te hebben, we geen printer hebben en aan het lopen zijn. EN DOODMOE EN KAPOT JOE!

Ik verloor mijn geduld.

Hij snapte er niets van en bleef geld roepen en gebaren maken. Ik liet mijn bevestigingsbrief lezen, en liet zien dat ik betaald had via credit card. Nee, nee. Hij kreeg altijd een papiertje.

Ik vond het echt niet leuk. Mijn voeten deden zeer, mijn schouders deden moeilijk, mijn heupen deden pijn. Ik was er klaar mee en flink chagrijnig. Ik liet nógmaals mijn mail zien en er stond ergens ‘betaald’. Dus ik met een dikke vingerwijzing ‘betaald’ op zijn Duits uitspreken en toen was het goed.

Finally. Finally een bed, douche en ruimte om al die natte zooi uit te leggen zodat het kon drogen. Eindelijk eten!

Voer

De man was volgens mij een beetje geschrokken ook van zichzelf. We hebben nadat we onze spullen hebben gedumpt meteen beneden bij diezelfde chinees gegeten en de man deed heel erg zijn best. Dat was heel aandoenlijk.

We mochten een bord vol opscheppen voor €5. Dat hebben we gedaan. Zoals ze in St Jean al zeiden: ‘Pelgrims hebben altijd honger’.

En dat hadden we. Wij hadden honger, ons waswater sloeg bruin en de kamer rook naar pelgrim.

Morgen wordt het weer zonnig en gaan we bakkies drinken in Koblenz en niet veel wandelen. Want ons lichaam is even in ruste.

#amen.

Liefs en slaap lekker,
Zora